Een gezond leven

By 18 september 2021 Voeding

Op 1 januari 2018 waren volgens het RIVM (bijna) tien miljoen mensen chronisch ziek. Vijf jaar eerder waren dat er ‘slechts’ vijf miljoen. Dat betekent dat dit aantal in vijf jaar tijd is verdubbeld. We zijn inmiddels bijna 4 jaar verder en als het in datzelfde tempo zou gaan, zou zo’n beetje iedereen chronisch ziek zijn. Helaas ontbreken daarover de harde cijfers. Hoe stoppen we deze alsmaar doordenderende trein?

Hoe heeft het zo ver kunnen komen?

‘Als er niet snel iets verandert’, zo voorspelde deze week de Wetenschappelijke Raad, ‘betalen we over veertig jaar per persoon drie keer zoveel aan zorgkoosten dan nu’. Maar dat hoeft niet! Als we nu beginnen met gezonder te eten en te leven, kunnen de kosten zelfs lager liggen dan nu. Dat voospel ik…

Oh, dacht ik cynisch, dat moet lukken. Daar is de afgelopen decennia tenslotte ook niets van terechtgekomen. Waarom? Omdat de industrie, die er niet aan wil, wereldkampioen tijdrekken is en de overheid daar al die tijd in mee is gegaan. Van het laatste Preventieakkoord bleef uiteindelijk geen spaan heel omdat de industrie niet wilde en Staatssecretaris Paul Blokhuis daar gladjes in mee ging. Dus het antwoord op deze prangende vraag – Hoe heeft het zo ver kunnen komen – is: de industrie wil niet en de overheid ook niet. Dus: dat gaat niet gebeuren. Het is nu nog een belofte die over veertig jaar een leugen zal blijken, en dan is het te laat.

Dus van deze twee partijen moeten we het niet hebben. Toch is het geen onmogelijke uitdaging. Alleen moeten we ons niet afhankelijk maken van de  industrie en de politiek, maar juist zelf het voortouw nemen. Dat heb ik gedaan door anderhalf jaar geleden mijn boek Chronisch Gezond, Recept voor een Gezond en Vitaal leven te publiceren, een boek dat je helpt de regie over je eigen gezondheid te nemen. De afgelopen week lanceerde ik het op dat boek gebaseerde gezondheidsplatform chronischgezond.nu. Versterk stapje voor stapje je immuunsysteem!

Het uitgangspunt is even simpel als begrijpelijk: alles wat je immunsystee versterkt, is gezond en alles wat het verzwakt kan je beter laten staan. In de praktijk is de boodschap super simpel: eet en drink alleen lichaamseigen – dus natuurlijke – producten en stoffen. Dat is eigenlijk precies het omgekeerde van wat het Voedingscentrum je adviseert en wat de industrie aanbiedt: producten met geraffineerde en synthetische, dus lichaamsvreemde stoffen.

Bestrijdingsmiddelen

Bestrijdingsmiddelen, door de industrie gewasbeschermingsmiddelen genoemd, worden al eeuwen gebruikt in de landbouw, maar pas na de Tweede Wereldoorlog ging men gebruik maken van enkele synthetische, chemische stoffen. Deze zijn een gevaar voor onze gezondheid, omdat ze lichaamsvreemd zijn. Maar het werd pas echt een groot probleem toen de industrie – aangemoedigd door de nieuwe regels (een limiet per soort, maar geen limiet op het aantal stoffen) en groeiende resistentie bij dieren – steeds meer van deze middelen in ging zetten.

Deze ontwikkeling ging later ook gepaard met genetisch gemodificeerde planten die beter bestand waren tegen een bepaald bestrijdingsmiddel. Denk aan glyfosaat dat is ontwikkeld door de koning onder het ongedierte, het Amerikaanse bedrijf Monsanto. Dat deze bedrijven steeds groter en machtiger werden, maakte het er niet beter op. Maar ook de overheid hielp niet echt mee; hoewel deze middelen giftig zijn, werden ze wel toegetaan, zij het in kleine hoeveelheden. Maar, zoals gezegd, het aantal stoffen werd niet gelimiteerd. Dus omdat het aantal bestrijdingsmiddelen in rap tempo groeide, krijgen we wel steeds meer van dat spul binnen. Gewoon omdat het kan.

Tegenwoordig is het zo dat een (groot) deel van de groente en fruit in de schappen van de supermarkten dit gif bevatten, niet alleen op, maar vaak ook in het product. Hoewel wij allemaal denken dat vergeleken met andere landen, Nederland het nog niet zo slecht doet, staan we al jaren aan de top van de meest spuitende landen in Europa. Daarvoor is vooral de reguliere landbouw – in nauwe samenwerking met de overheid – verantwoordelijk. In de biologische landbouw is dit soort gif (en ook genetische gemodifceerde planten) echter grotendeels verboden.

Grootschalige landbouw

Sinds de Tweede Wereldoorlog zijn er nog meer zaken in de landbouw veranderd. Ging het vroeger nog om kleinschalige landbouwbedrijven, tegenwoordig gaat het vooral over grootschalige bedrijven. Dat betekent dat een boer een veel groter stuk land beheert, waardoor grotere landbouwmachines nodig zijn. Daardoor wordt de aarde zodanig in elkaar gedrukt, dat er nog nauwelijks leven in zit. Voorts wordt het land voortdurend en met steeds dezelfde producten bepland en met kunstmest bewerk, waardoor het gehalte aan mineralen tot een minimum is teruggebracht. Het gevolg is dat de groente en fruit die daar op groeien nog nauwelijks gezonde stoffen bevatten. Dat en de bestrijdingsmiddelen die in de grond terechtkomen, via de grond in het water, via het water in de dieren en via de dieren in ons lichaam, veroorzaken ernstige – chronische – ziektes. Dat is reden 1.

Milieu

Maar er is meer! Dat deze schadelijke stoffen niet alleen op de planten, maar ook in de lucht en het water terechtkomen is evident. Je zou denken dat de overheid daar fiks tegenop zou treden, maar niets is minder waar. Het is grote chemische bedrijven bijvoorbeeld toegestaan om enorme hoeveelheden chemisch afval gewoon in het opperlakte water van rivieren en kanalen te dumpen. Daar hoef je maar een keer een vergunning voor te krijgen (dus 1 bevriende politicus is daarvoor vaak al voldoende), daarna kan je tot in lengten van dagen dumpen wat je dumpen wil. Daar wordt natuurlijk dankbaar gebruik van gemaakt, maar zelden iets over gemeld. Het is inmiddels zo erg dat onze zuiveringsbedrijven het zuiveren niet meer aankomen, waardoor wij zonder het te weten ziek worden door vervuild drinkwater. Dat is reden 2, 3 en 4.

Voeding

Reden 5 is dat de stoffen die tegenwoordig door de voedingsgiganten (bijvoorbeeld Unilever) in de voedingsproducten worden gestopt, producten die je overal kan kopen – o.a. in supermarkten, sportkantine, pretparken en scholen – lichaamsvreemde, synthetische of geraffineerde stoffen zijn. Tegenwoordig wordt er (terecht) geprotesteerd en gediscussieerd over het gehalte aan geraffineerde suiker, maar ondertussen is dat allang niet meer de enige lichaamsvreemde stof in onze voeding. Denk aan tienduizend e-nummers, zoetvervangers en kankerverwekkende synthetische stoffen.

Wel goedgekeurd, toch schadelijk

Reden 6 is dat de overheid daar wel tegen optreedt, maar helaas dat doet de overheid niet. Er zijn talloze voorbeelden van giftige stoffen die worden toegestaan, ondanks het feit dat ze op z’n minst verdacht zijn. Ook de Europese waakhond, de EFSA, doet vaker dat zijn neus bloedt dan dat hij er tegen optreedt. Een schrijnend voorbeeld is glyfosaat (Round-up), een zeer gevaarlijk, kankerverwekkend goedje. Ondanks grootschalige protesten in diverse Europese landen noemt de EFSA het middel veilig. In 2017 is het gebruik van glyphosaat weer voor 5 jaar goedgekeurd door de EU.

Reden 7 is dat we verkeerd worden voorgelicht. Wie in Nederland eet volgens de richtlijnen van het Voedingscentrum, krijgt dagelijks 20 soorten pesticiden binnen. Dat zijn steeds ‘kleine beetjes’, maar veel kleine beetjes, wordt uiteindelijk een heleboel. Omdat het lichaam deze stoffen niet herkent als voeding, slaat het het op in de buikholte, rond onze vorale organen (Reden 8). Na enkele jaren kan dat leiden tot ernstige ziektes als kanker. Bovendien is niet bekend welke invloed deze 20 stoffen op elkaar uitoefenen. Tenslotte wordt er vanwege gebrek aan menskracht slechts steekproefsgewijs gecontroleerd en daarbij wordt regelmatig groente en fruit gevonden die residuen bevatten boven de toelaatbare norm.

Dat de overheid en de EFSA niet aan onze kant staan, maar aan die van de bedrijven, blijkt uit het feit dat de EFSA er niet voor terug deinst om in haar risicobeoordeling letterlijk teksten van producenten over te nemen. Hoewel uit onderzoek is gebleken dat kinderen tot 7 jaar veel gevoeliger zijn voor deze bestrijdingsmiddelen, worden producten voor kinderen van deze leeftijd niet ontzien (Reden 8). Dit kan bij kinderen leiden tot een ontwikkelingsachterstand en gezondheidsproblemen. Kinderen die opgroeien in in een agrarisch gebied hebben zelfs een verhoogde kans op geboorteafwijkingen.

De Europese lobby

Dat de overheid wetten en regels opstelt die tegen onze gezondhesbelangen indruisen, komt door de macht die de bedrijven van onze overheid krijgen (Reden 9). De industrie geeft bijvoorbeeld miljoenen uit aan Europese lobby om de negatieve effecten van chemische middelen te bagataliseren en de positieve effecten van natuurlijke middelen te verdraaien of in dikrediet te brengen. Ook bemoeien ze zich met juridische zaken; hele stukken Europese wetgeving zijn letterlijk opgeschreven door lobbyisten.

Enkele cijfers: naar schatting zijn in de Brusselse wandelgangen zo’n 15.000 lobbyisten, meer dan duizend handelsverenigingen, 750 niet-gouvernementele organisaties, 500 commerciële bedrijven, 150 regionale overheden en 130 gespecialiseerde (meest Brits/Amerikaanse) advocatenkantoren actief. Dat is deze bedrijven in totaal één miljard euro per jaar waard.

Ook hebben lobbyisten van de chemische industrie in 2015 de REACH richtlijn van de Europese Unie tegen het gebruik van hormoonverstorende stoffen op allerlei manieren weten te blokkeren en vertragen. Volgens de Corporate Europe Observatory leidtde ‘bubbel van Brussel’ tot ‘een ongezonde relatie tussen wetmakers en degenen die onderwerp van deze wetten zijn’. Er is sprake van ‘draaideuren’ tussen de Europese Commissie en de grote bedrijven. Daardoor is het ook moeilijker geworden om middelen die algemeen gezien worden als natuurlijk en onschuldig, in te zetten – zoals melk, bier of groene zeep.

Paprikatelers gebruiken bij het snoeien en oogsten bijvoorbeeld al decennialang magere melk. Door hun handen en gereedschap daarin te dompelen, voorkomen ze dat zij een eventueel virus uit het sap van de ene paprikaplant overbrengen op een volgende plant. Tot een paar jaar terug werden deze middelen in Nederland gewoon toe gelaten. Die regeling voldeed echter niet aan de in 2011 geïntroduceerde Europese gewasbeschermingsverordening. Daardoor kunnen vergunningen voor deze ongevaarlijke middelen veel lastiger afgegeven of verlengd worden. ‘Het is niet uit te leggen dat je bijvoorbeeld knoflook- en gistextracten wél mag eten, maar ze niet mag gebruiken als gewasbescherming op de akkers,’ zegt CDA-Europarlementariër Annie Schreijer-Pierik, die zich inzet om de ontstane situatie in Europa te veranderen.

Deze wetgeving wordt vooral gebruikt om kleine concurrenten uit de markt te weren en duurzame innovatie tegen te houden. Dat is een strijd als David tegen Goliath; simpelweg omdat de kleine bedrijven niet het geld hebben om zich daaartegen te verweren. Op natuurlijke middelen kan je namelijk geen intellectuele eigendomsrechten doen gelden, zoals op chemisch-synthetische middelen. Tegenover de kosten van dure toelatingsprocedures staan geen inkomsten uit patenten en exclusieve gebruiksrechten, zoals bij grote bedrijven die dat wel kunnen betalen. Grote bedrijven creëren zo een omgeving waarin kleine spelers die duurzame producten voortbrengen geen kans meer maken, denk aan biologische zaadveredelingsbedrijven, en boeren die natuurlijke middelen willen inzetten. In de praktijk zijn daardoor vrijwel uitsluitend grote bedrijven als BASF, Bayer, Monsanto en Syngenta nog in staat om nieuwe middelen te ontwikkelen en op de markt te brengen; een zeer onwenselijke situatie uit het oogpunt van duurzaamheid en gezondheid. Vooral omdatdeze bedrijven geen enkele scrupues kennen als het gaat om het uitbreiden van de macht.

Maar het kan ook anders

In de biologische landbouw leeft het inzicht al decennia: de bodem is een leefomgeving van miljarden bacteriën, virussen en schimmels, die van belang zijn voor de gezondheid van planten; bij een gezonde bodembiodiversiteit ontstaan er allerlei symbiotische processen die een leefomgeving creëren waarin planten goed kunnen gedijen. Zowel in de landbouw als in de medische wetenschappen groeit de laatste jaren het inzicht dat dit microbioom een doorslaggevende rol speelt in de weerstand tegen ziekten en plagen – dat geldt zowel voor dieren, mensen als planten. Kort samengevat: als de plant in een bodem staat met een verarmd bodemleven, wordt de plant sneller ziek en is hij gevoeliger voor plagen. in de gangbare landbouw is nu steeds meer interesse in het inzetten van specifieke bacterieën of schimmels, om schadelijke ziektes tegen te gaan. De biologische landbouw doet hetzelfde al jaren, maar op een ecologische manier, door het hele bodemleven te stimuleren.

Door de inzet van deze biologische bestrijders wordt een balans gecreeerd tussen nuttige organismen en ongedierte. Deze balans wordt in gevaar gebracht door het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen, aangezien niet alleen de schadelijke insecten worden gedood maar ook diverse nuttige insecten zoals bijen, spinnen, lieveheersbeestjes en gaasvliegen. Bovendien kunnen de pesticiden via (besproeid) fruit en groente in ons lichaam terecht komen. Daarbij komt dat insecten resistent kunnen worden voor chemische bestrijdingsmiddelen. Vele biologische bestrijders werken tegen meerdere plaaginsecten, ze gaan zelf actief op zoek naar voedsel en vermenigvuldigen zichzelf net zo lang als er voedsel is. Een langdurige en milieuvriendelijk oplossing!

Conclusie

Het is dus niet zo vreemd dat steeds meer mensen chronisch ziek worden, maar is dat wat we willen?. ‘Chronisch ziek’ betekent namelijk dat je of levenslang ziek zal blijven, dat je doorgaans steeds meer chronische ziektes oploopt en de rest van je leven afhankelijk blijft van de synthetische medicijnen die ons zorgsysteem je met alle liefde voorschrijft; des te meer, des te beter!

Maar er is gelukkig ook goed nieuws; je kan er zelf heel veel aan doen. Om in plaats van chronisch ziek, chronisch gezond te worden of te blijven is mijn advies: eet natuurlijke (biologische) producten waar niets op of aan zit waar ons lichaam geen raad mee weet. Je hoeft niet chronisch ziek te worden, en in bepaalde gevallen kan je een chronische ziekte zelfs overwinnen (bijvoorbeeld diabetes type 2).

Wil je daar meer over weten, ga dan naar chronischgezond.nu en meld je aan voor 5,95 per maand. Succes verzekerd.

Leave a Reply